Nieuws: 27 Oct 2016

" alt="">

3 Adviezen voor betere voorbereiding en begeleiding chronisch zieken

Zo’n 20 procent van de beroepsbevolking heeft een chronische aandoening en dit aandeel neemt de komende jaren fors toe. In 2030 zal één op de vier werknemers een chronische ziekte zoals kanker, longaandoeningen, diabetes, reuma of hart- en vaatziekten hebben. Veel van deze mensen kunnen en willen blijven werken. Zij hebben er behoefte aan om volwaardig onderdeel te zijn van de maatschappij en werk speelt daar een belangrijke rol in. Werkgevers zijn hier echter nog niet op ingesteld.

Arbo Unie deed in samenwerking met HR Praktijk onderzoek onder HR-professionals naar de wijze waarop organisaties omgaan met chronisch zieke medewerkers. Ruim driekwart van de organisaties schiet tekort bij begeleiding en ze zijn niet voorbereid op de verwachte toename van chronisch zieke medewerkers. Bijna de helft, 45 procent, zegt geen maatregelen te nemen om uitval van chronisch zieke collega’s te voorkomen.  Arbo Unie roept op tot betere voorbereiding en begeleiding op de werkvloer.

Belangrijkste resultaten onderzoek

Uit dit onderzoek blijkt dat de werkgever nog niet op toename van het aantal chronisch zieke medewerkers is voorbereid.

  •   77% van de werkgevers heeft géén beleid voor begeleiding van chronisch zieken.
  •   42% verkeert in de veronderstelling dat het aantal chronisch zieken in de eigen organisatie niet zal toenemen.
  •   45% neemt geen preventieve maatregelen om te voorkomen dat werknemers met een chronische ziekte belemmeringen ervaren of uitvallen.
  •   59% geeft aan ondersteuning nodig te hebben bij de begeleiding van werknemers met een chronische ziekte.
  •   14% zegt goed op de hoogte te zijn van de wettelijke regels, 36% enigszins, 25% niet.
  •   40% is niet op de hoogte van subsidiemogelijkheden voor werkplekaanpassingen.

Adviezen betere voorbereiding en begeleiding

  1. Ga dialoog aan met chronisch zieke medewerker. Zorg voor goede afstemming tussen HR-professional, leidinggevende, medewerker en specialist (bedrijfsarts). Bied de medewerker een omgeving waarin hij geactiveerd blijft en zich veilig genoeg voelt om wensen en beperkingen te uiten.
  2. Kijk naar wat de chronisch zieke medewerker nog wél kan en focus je niet op wat iemand (niet) meer kan. Pas, eventueel in overleg met de bedrijfsarts, de werkbelasting of bepaalde werkafspraken aan.
  3. Scherp begeleiding van chronisch zieke medewerkers aan. Zorg voor een centrale aanpak en adequate aandacht voor re-integratie. Maak afspraken over rollen en acties en geef de medewerker meer het stuur in handen van zijn eigen re-integratie.

Bron: HR Praktijk