Het kabinet wil de onzekerheid bij werkgevers wegnemen over de vraag of zij voldoende hebben gedaan om hun zieke werknemer weer aan het werk te helpen. Het advies van de bedrijfsarts over wat iemand nog kan doen, wordt daarom leidend bij deze toets door UWV na 2 jaar ziekte. Dat staat in een wetsvoorstel dat minister Aartsen van Werk en Participatie en minister Vijlbrief van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aanbieden aan de Raad van State. Daarnaast wordt wettelijk geregeld dat mensen het voorschot dat ze krijgen in afwachting van een WIA-beoordeling niet hoeven terug te betalen. De maatregelen moeten onder meer helpen om de achterstanden bij het beoordelen van mensen die in aanmerking komen voor een WIA-uitkering terug te dringen.
RIV-toets
Als iemand ziek wordt, is de werkgever verplicht 2 jaar lang het loon door te betalen en de werknemer te helpen weer aan het werk te gaan. Na die 2 jaar ziekte mag de werknemer onder voorwaarden ontslagen worden en kan deze een arbeidsongeschiktheidsuitkering aanvragen. Met de RIV-toets (re-integratieverslagtoets) beoordeelt UWV of werkgever en werknemer voldoende gedaan hebben om de werknemer weer aan het werk te krijgen. Als dat niet het geval is, kan de werkgever verplicht worden nog maximaal een jaar langer het loon door te betalen om de gemiste re-integratiekansen te herstellen. In de nieuwe situatie wordt het advies van de bedrijfsarts leidend bij deze toets. Dit biedt werkgevers meer zekerheid bij de verplichtingen rond loondoorbetaling bij ziekte. Werkgevers weten zo namelijk dat ze voldoende hebben gedaan als ze invulling geven aan het advies van de bedrijfsarts. Ook scheelt het de verzekeringsartsen van UWV werk, waardoor zij meer tijd overhouden voor het beoordelen van de aanvragen voor een uitkering.
Lees het volledige artikel op de site van De Rijksoverheid.
Bron: Redactie Rijksoverheid: ‘Advies bedrijfsarts wordt leidend bij re-integratietoets zieke werknemer’, Rijksoverheid, 27 maart 2026.